Dat in de wet staat dat degene die stelt moet bewijzen is bij de meeste mensen nog wel bekend, maar in de praktijk constateert ons kantoor dat mensen verder zelden enige kennis hebben van het civielrechtelijke bewijsrecht. Dat is op zich niet verwonderlijk, nu dat een zeer technisch onderdeel van ons recht vormt.

In feite geldt de regel ‘wie eist bewijst niet’ onverkort, maar zou die regel moeten worden genuanceerd tot ‘wie eist moet vaak bewijzen’. De regels omtrent het bewijsrecht en het leveren van bewijs kunnen immers maken dat niet al uw stellingen in een procedure ook door u bewezen moeten worden.

Om een stelling te kunnen bewijzen heeft u bewijsmiddelen nodig. De wet kent in civiele zaken in feite geen onrechtmatig bewijs, anders dan in strafzaken, en de civiele rechter is vrij om alles tot bewijs mee te laten wegen. Hij kan zelf bepalen in hoeverre hij een bewijsmiddel relevant acht en welk gewicht hij aan een bepaald bewijsmiddel wenst te verbinden.

Waar het vaak lastig wordt is het bewijzen van stellingen, waarvoor de eiser zelf geen bewijsmiddelen heeft. De wet is daarin onverbiddelijk, in die zin dat het niet hebben van bewijsmiddelen op zich niet maakt dat u een bepaalde bewijsopdracht niet krijgt van een rechter. Het gebrek aan bewijsmiddelen is uiteindelijk uw probleem en het probleem van uw vorderingen, omdat onvoldoende bewezen vorderingen afgewezen zullen worden.

De wet kent echter één uitzondering op het uitgangspunt dat u zelf degene bent die bewijsmiddelen moet aandragen om uw vorderingen te kunnen dragen en dat is de exhibitieverplichting van art. 843 a Rv.

Die verplichting houdt in dat een tegenpartij in feite verplicht is om een bepaald bewijsstuk aan u te verschaffen, indien zij dat in haar bezit heeft en u niet, in het geval dat u de inhoud van dat bewijs nodig heeft om uw vorderingen van voldoende bewijs te kunnen voorzien. Die verplichting geldt echter niet onbeperkt. U kunt met een beroep op dit art. dus niet het volledige dossier van de tegenpartij verwachten, omdat u uw eigen dossier niet op orde heeft. Wel kan het vaak een handig hulpmiddel zijn in het voeren van een procedure, waarin te bepalen valt dat u een belang heeft bij het verkrijgen van een bepaald document dat niet in uw bezit is, maar wel in het bezit van de tegenpartij.

Af en toe komt men voorbeelden in de rechtspraak tegen van het gebruik van de exhibitieplicht ex art. 843a Rv. al lijkt het er op dat advocaten hier te weinig gebruik van maken. Zo ook in een zaak bij de Rechtbank Noord-Holland, ECLI:NL:RBNHO:2017:6600, waarin aan de eisende partij een bepaald stuk moet worden overhandigd omdat zij terecht een beroep heeft gedaan op genoemd wetsartikel. Of zij er daardoor wel in slaagt om haar vorderingen voldoende te onderbouwen valt in rechte nog te bezien, maar ze is in ieder geval weer een stukje dichter bij een positief vonnis gekomen.

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

two × four =